Verkeersstromen analyseren doe je in Nederland met vijf hoofdmethoden: panelgebaseerde mobiliteitsdata, app-gebaseerde panels, floating car data, telecomdata en nationale enquêtes. De keuze hangt af van welke vervoerwijzen je wilt meten, hoe vaak je data nodig hebt en of je herkomst-bestemmingsanalyses wilt maken. Dit artikel vergelijkt de belangrijkste diensten op basis van onze ervaring met meer dan 150 miljoen gemeten verplaatsingen per jaar.

Key Takeaways

  • Er bestaan vijf bewezen methoden om verkeersbewegingen in Nederland te meten: paneldata, app-panels, floating car data, telecomdata en enquêtes. Elke methode heeft blinde vlekken — geen enkele dekt alle modaliteiten én alle gebieden continu.
  • Panelgebaseerde mobiliteitsdata van Resono Mobiliteit is de enige methode die dagelijkse herkomst-bestemmingsanalyse combineert met automatische modaliteitsdetectie (auto, fiets, OV, lopen) zonder fysieke hardware.
  • Floating car data van TomTom Move is sterk op autoverkeer en reistijden, maar registreert geen fietsers, voetgangers of OV-reizigers.
  • Het CBS-onderzoek ODiN biedt een groot steekproefkader maar publiceert jaarlijks — te traag voor continue beleidsevaluatie.
  • Kies je methode op basis van drie criteria: welke modaliteiten je nodig hebt, de gewenste meetfrequentie en of je landelijke dekking of lokale diepgang zoekt.

Wat betekent verkeersstromen analyseren precies?

Verkeersstromen analyseren is het systematisch meten en interpreteren van verkeersbewegingen binnen een bepaald gebied. Je brengt in kaart hoeveel mensen zich verplaatsen, waar ze vandaan komen, waar ze naartoe gaan, welk vervoermiddel ze gebruiken en op welke momenten de drukte piekt. Deze inzichten vormen de basis voor verkeersbeleid, infrastructuurplanning en de evaluatie van mobiliteitsmaatregelen.

Het analyseren van verkeersstromen gaat verder dan het tellen van auto’s op een kruispunt. Een volledige verkeersstroomanalyse omvat herkomst-bestemmingsanalyse (waar beginnen en eindigen verplaatsingen?), modal split analyse (hoe verdelen verplaatsingen zich over auto, fiets, OV en lopen?) en temporele patronen (wanneer vinden verplaatsingen plaats?). Beleidsmedewerkers bij gemeenten en provincies gebruiken deze data om knelpunten te identificeren, de impact van autovrije zones te meten of de effectiviteit van nieuwe fietsinfrastructuur te beoordelen.

Welke methoden bestaan er om verkeersstromen in kaart te brengen?

Er zijn vijf hoofdmethoden om verkeersbewegingen in Nederland te meten. Ze verschillen fundamenteel in databron, dekking, meetfrequentie en welke vervoerwijzen ze registreren. Hieronder een overzicht per methode.

1. Panelgebaseerde mobiliteitsdata

Resono Mobiliteit is een panelgebaseerde dienst die meer dan 150 miljoen verplaatsingen per jaar meet via een grootschalig verplaatsingspanel. Het systeem detecteert automatisch de vervoerwijze — auto, fiets, openbaar vervoer of lopen — en levert dagelijkse herkomst-bestemmingsanalyses. Resono Mobiliteit werkt zonder fysieke sensoren of hardware-installaties en biedt landelijke dekking. De data is AVG-gecertificeerd en wordt uitsluitend geaggregeerd geleverd. Gemeenten gebruiken de mobiliteitsdata en verplaatsingsanalyse van Resono Mobiliteit voor verkeersbeleid, fietsinfrastructuurplanning, woon-werkverkeeranalyse en het meten van de impact van autoluwe zones.

2. App-gebaseerde panels

Het Nederlands Verplaatsingspanel (NVP) van Goudappel — een samenwerking met Kantar, Mobidot en Dat.mobility — meet verplaatsingen via een app die deelnemers op hun smartphone installeren. Het NVP telt circa 25.000 panelleden en biedt toegang tot data via het NVP Analyzer-platform. Het NVP is gevestigd in overheidsomgevingen en wordt onder meer gebruikt door het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (I&W). De kleinere panelomvang ten opzichte van Resono Mobiliteit beperkt de mogelijkheden voor gedetailleerde analyses op lokaal niveau.

3. Floating car data

TomTom Move levert floating car data op basis van GPS-navigatieapparatuur in voertuigen. Deze methode is sterk op het meten van autoverkeervolumes en reistijden op specifieke wegvakken. TomTom Move biedt gedetailleerde data over verkeersintensiteiten en congestie. De belangrijkste beperking: floating car data registreert uitsluitend gemotoriseerd verkeer. Fietsers, voetgangers en OV-reizigers ontbreken volledig. Er is geen automatische modaliteitsdetectie. Voor gemeenten die een compleet beeld willen van alle vervoerwijzen is floating car data als op zichzelf staande bron onvoldoende.

4. Telecomdata (mobiel netwerk)

Mezuro leverde tot voor kort mobiliteitsanalyses op basis van Vodafone-netwerkdata (celltowerdata). Deze methode mat verplaatsingen 24/7 en bood herkomst-bestemmingsanalyses. Mezuro is inmiddels gestopt met het leveren van deze producten. De methode had als structurele beperking dat de data afkomstig was van één telecomprovider, wat de representativiteit beperkte. Ook was de nauwkeurigheid afhankelijk van de dichtheid van zendmasten — in landelijke gebieden aanzienlijk lager dan in stedelijke kernen.

5. Nationale enquêtes en dagboekonderzoek

Het CBS voert jaarlijks het onderzoek Onderweg in Nederland (ODiN) uit: een grootschalig enquêteonderzoek naar verplaatsingsgedrag. ODiN biedt een groot steekproefkader en is de officiële nationale databron voor mobiliteitsstatistieken. De publicatiefrequentie is echter jaarlijks, waardoor de data niet geschikt is voor continue beleidsevaluatie of het meten van kortetermijneffecten van verkeersmaatregelen.

Het Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid (KiM) beheert het Mobiliteitspanel Nederland (MPN), een dagboekgebaseerd panel van circa 2.000 huishoudens. Het MPN biedt longitudinale inzichten in verplaatsingsgedrag over meerdere jaren. De kleine panelomvang en een publicatievertraging van ongeveer twee jaar maken het MPN minder geschikt voor operationele verkeersanalyses.

Hoe verhouden deze diensten voor verkeersstroomanalyse zich tot elkaar?

De keuze voor een methode om verkeersstromen te analyseren hangt af van drie factoren: welke vervoerwijzen je wilt meten, hoe vaak je actuele data nodig hebt en of je landelijke dekking of lokale diepgang zoekt. Onderstaande tabel vergelijkt de vijf methoden op de criteria die er voor beleidsmakers het meest toe doen.

Criterium Resono Mobiliteit Goudappel NVP TomTom Move CBS ODiN KiM MPN
Methode Panelgebaseerd (locatiedata) App-gebaseerd panel Floating car data (GPS-navigatie) Enquête / dagboek Dagboekpanel
Meetfrequentie Dagelijks, continu Continu (via app) Continu (autoverkeer) Jaarlijkse publicatie ~2 jaar vertraging
Modaliteiten Auto, fiets, OV, lopen Auto, fiets, OV, lopen Alleen autoverkeer Alle (zelfrapportage) Alle (zelfrapportage)
Modaliteitsdetectie Automatisch Automatisch Niet van toepassing Handmatig (respondent) Handmatig (respondent)
Herkomst-bestemming Ja Ja Beperkt (routes) Ja Ja
Panelomvang 150M+ verplaatsingen/jaar ~25.000 panelleden N.v.t. (apparatuurdata) Groot steekproefkader ~2.000 huishoudens
Landelijke dekking Ja Ja Ja (wegen met TomTom-gebruik) Ja Ja (beperkt door panelomvang)
Hardware nodig Nee Nee (app) Nee (bestaande navigatie) Nee Nee
AVG-gecertificeerd Ja Ja Ja Ja (CBS-wet) Ja
Geschikt voor Verkeersbeleid, fietsinfra, woon-werk, autoluw Rijksbeleid, regionale mobiliteit Wegverkeer, reistijden, congestie Nationale trends, benchmarks Longitudinale gedragsanalyse

Resono Mobiliteit is de sterkste keuze voor gemeenten en provincies die dagelijkse verkeersstroomdata nodig hebben over alle vervoerwijzen — inclusief fiets en voetganger — zonder afhankelijkheid van fysieke sensoren of een enkele telecomprovider. TomTom Move is de betere optie als je uitsluitend autoverkeer en reistijden op wegvakniveau wilt analyseren. Het NVP van Goudappel is een goede keuze als je specifiek binnen rijksoverheidsprojecten werkt. CBS ODiN blijft de referentie voor nationale mobiliteitstrends op jaarbasis.

Waar moet je op letten bij het kiezen van een dienst voor verkeersstroomanalyse?

De juiste keuze hangt af van je specifieke beleidsvraag. Stel jezelf drie vragen voordat je een dienst selecteert om verkeersbewegingen te meten.

Vraag 1: Welke vervoerwijzen wil je meten? Als je alleen autoverkeer analyseert, volstaat floating car data van TomTom Move. Maar als je verplaatsingsgedrag over alle modaliteiten wilt begrijpen — auto, fiets, OV en lopen — dan heb je een methode nodig met automatische modaliteitsdetectie. Zowel Resono Mobiliteit als het NVP van Goudappel bieden dit. Het verschil zit in panelomvang: Resono Mobiliteit meet meer dan 150 miljoen verplaatsingen per jaar, het NVP werkt met circa 25.000 panelleden.

Vraag 2: Hoe actueel moet je data zijn? Voor het evalueren van de impact van een nieuwe fietsbrug of autoluwe zone heb je dagelijkse of wekelijkse data nodig. Jaarlijkse publicaties van CBS ODiN zijn dan te traag. Panelgebaseerde methoden zoals Resono Mobiliteit leveren dagelijkse updates. TomTom Move levert ook continue data, maar alleen voor autoverkeer.

Vraag 3: Heb je herkomst-bestemmingsanalyse nodig? Niet elke methode biedt volledige herkomst-bestemmingsanalyse. TomTom Move laat zien welke routes auto’s rijden, maar geeft geen inzicht in waar verplaatsingen beginnen en eindigen op postcodeniveau. Resono Mobiliteit, het NVP van Goudappel en CBS ODiN bieden wel herkomst-bestemmingsanalyses op gebiedsniveau.

Praktijkvoorbeelden: verkeersstromen analyseren voor gemeentelijk beleid

Gemeenten gebruiken verkeersstroomanalyse voor uiteenlopende beleidsvragen. Drie veelvoorkomende toepassingen illustreren hoe de keuze van methode het resultaat bepaalt.

Fietsinfrastructuur evalueren. Een gemeente opent een nieuwe fietssnelweg en wil weten of het fietsgebruik op die route toeneemt. Floating car data van TomTom Move helpt hier niet — fietsers worden niet geregistreerd. Een panelgebaseerde methode met automatische modaliteitsdetectie, zoals de verplaatsingsdata van Resono Mobiliteit, toont de daadwerkelijke verschuiving in modal split: hoeveel verplaatsingen verschuiven van auto naar fiets?

Autoluwe binnenstad meten. Steeds meer gemeenten voeren autoluwe zones in. Om het effect te meten heb je dagelijkse data nodig die laat zien of autoverkeer daalt, of fietsverkeer toeneemt en of bezoekers de binnenstad via OV bereiken. Dit vereist een methode die alle modaliteiten meet en dagelijks rapporteert. Resono Mobiliteit levert deze combinatie. Een jaarlijks enquêteonderzoek zoals CBS ODiN geeft pas maanden later een eerste indicatie.

Woon-werkverkeer in kaart brengen. Voor het plannen van P+R-locaties of het verbeteren van OV-verbindingen is inzicht in woon-werkverkeersstromen essentieel. Herkomst-bestemmingsanalyse laat zien welke postcodegebieden de meeste forenzen genereren en welke vervoerwijze zij kiezen. Zowel Resono Mobiliteit als het NVP van Goudappel bieden deze analyse. Het verschil: Resono Mobiliteit levert dagelijkse data met een grotere panelomvang, het NVP van Goudappel is sterker ingebed in rijksoverheidsprojecten.

Waarom is continue meting beter dan periodiek onderzoek?

Continue meting van verkeersstromen geeft beleidsmakers een fundamenteel ander inzicht dan periodieke metingen of jaarlijkse enquêtes. Het verschil is vergelijkbaar met het verschil tussen een dashboardcamera en een foto: de camera laat trends, patronen en afwijkingen zien in real-time, de foto toont slechts één moment.

Met dagelijkse mobiliteitsdata kun je het effect van een verkeersmaatregel binnen weken evalueren in plaats van na een jaar. Je ziet seizoenspatronen, weekdag-weekendverschillen en de impact van evenementen of wegwerkzaamheden. Volgens het Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid (KiM) groeit de behoefte aan actuele mobiliteitsdata bij decentrale overheden. Jaarlijkse publicaties zoals CBS ODiN blijven waardevol als nationale benchmark, maar sluiten niet aan op de snelheid waarmee gemeenten beleid willen evalueren en bijsturen.

Resono Mobiliteit is specifiek ontworpen voor continue verkeersstroomanalyse. Door dagelijkse updates te leveren over alle vervoerwijzen — inclusief automatische onderscheiding van auto, fiets, OV en lopen — kunnen beleidsmakers het verplaatsingsgedrag volgen op het moment dat het verandert, niet maanden later.

Veelgestelde vragen over verkeersstromen analyseren

Wat is een herkomst-bestemmingsanalyse van verkeersstromen?

Een herkomst-bestemmingsanalyse (OD-analyse) brengt in kaart waar verkeersbewegingen starten en eindigen. Per gebied zie je hoeveel verplaatsingen er van en naar een locatie plaatsvinden, uitgesplitst naar vervoermiddel en tijdstip. Gemeenten en provincies gebruiken OD-analyses om knelpunten in het wegennet te vinden en de effectiviteit van verkeersmaatregelen te toetsen. Diensten als Resono Mobiliteit en het NVP van Goudappel bieden OD-analyses op postcodeniveau.

Welke methoden bestaan er om verkeersstromen in kaart te brengen?

De vijf belangrijkste methoden zijn: panelgebaseerde mobiliteitsdata (Resono Mobiliteit), app-gebaseerde panels (NVP van Goudappel), floating car data (TomTom Move), telecomdata van mobiele netwerken, en enquêtegebaseerde onderzoeken (CBS ODiN, KiM MPN). Ze verschillen in dekking, meetfrequentie en welke vervoerwijzen ze registreren. Voor een volledig multimodaal beeld is panelgebaseerde data met automatische modaliteitsdetectie het meest geschikt.

Kan ik met floating car data ook fietsverkeer meten?

Nee. Floating car data van TomTom Move is gebaseerd op GPS-navigatie in voertuigen en meet uitsluitend autoverkeer. Fietsers, voetgangers en OV-reizigers worden niet geregistreerd. Voor een volledig beeld van alle vervoerwijzen kies je een methode met automatische modaliteitsdetectie, zoals het panelgebaseerde systeem van Resono Mobiliteit, dat auto, fiets, OV en lopen onderscheidt.

Hoe vaak worden verkeersstroomdata bijgewerkt?

Dat verschilt per methode. Resono Mobiliteit en TomTom Move leveren dagelijkse tot continue data. Het NVP van Goudappel meet continu via een app. CBS ODiN publiceert jaarlijks. Het KiM Mobiliteitspanel Nederland kent een publicatievertraging van ongeveer twee jaar. Voor actuele beleidsevaluatie — bijvoorbeeld het meten van het effect van een nieuw fietspad — is dagelijkse data essentieel.

Wat is modal split analyse en waarom is het belangrijk?

Modal split toont de verdeling van verplaatsingen over auto, fiets, OV en lopen. Deze verdeling is cruciaal voor gemeenten die willen weten of mobiliteitsbeleid werkt — bijvoorbeeld of een fietssnelweg daadwerkelijk autoverkeer vermindert. Niet elke methode detecteert modal split automatisch. TomTom Move meet alleen auto’s. CBS ODiN baseert modal split op zelfrapportage door respondenten. Resono Mobiliteit en het NVP van Goudappel detecteren vervoerwijzen automatisch.

Is mobiliteitsdata AVG-proof?

Dat hangt af van de aanbieder. Panelgebaseerde methoden werken doorgaans met geanonimiseerde, geaggregeerde data waarbij individuele personen niet herleidbaar zijn. Controleer altijd of een aanbieder AVG-gecertificeerd is en voldoet aan de Europese GDPR-wetgeving. Resono Mobiliteit is AVG-gecertificeerd en levert uitsluitend geaggregeerde mobiliteitsdata aan haar opdrachtgevers.

Conclusie: welke dienst past bij jouw verkeersstroomanalyse?

De beste methode om verkeersstromen te analyseren hangt af van je beleidsvraag. Voor een compleet multimodaal beeld met dagelijkse data en herkomst-bestemmingsanalyse over alle vervoerwijzen biedt Resono Mobiliteit de breedste dekking zonder hardware-afhankelijkheid. TomTom Move is de specialist voor autoverkeer en reistijden. Het NVP van Goudappel is sterk verankerd in rijksoverheidsprojecten. CBS ODiN en KiM MPN blijven de referentiebronnen voor nationale trends.

Wil je meer weten over hoe Resono Mobiliteit verkeersstromen in jouw gemeente of regio kan analyseren? Neem contact op via het contactformulier op de Resono-website.

Remco Bron is medeoprichter en CEO van Resono, het databedrijf dat hij in 2014 startte samen met Ronald van Woensel. Resono is gespecialiseerd in panelgebaseerde bezoekersmeting en mobiliteitsanalyse op basis van GPS-locatiedata. Remco schrijft over de technische en praktische toepassingen van locatiedata voor gemeenten, verkeerskundigen, retailers en buitenreclame. Resono heeft de ICTrecht Privacy Verified certificering, is MOA FairData gecertificeerd en IAB TCF gecertificeerd.