Passanten tellen is een essentieel onderdeel van binnenstadmonitoring, retailanalyse en mobiliteitsbeleid. Gemeenten, centrummanagers en retailers gebruiken passantentellingen om inzicht te krijgen in bezoekersaantallen, drukte op verschillende tijdstippen en de effectiviteit van evenementen of campagnes. Maar welke soorten apparatuur bestaan er eigenlijk voor het tellen van passanten, en wat zijn de voor- en nadelen van elke methode?
Dit artikel vergelijkt de vier meest gebruikte methoden: handmatige tellingen, infraroodsensoren, camerasystemen, wifi-sensoren en locatiegebaseerde paneldata. Per methode bespreken we hoe de technologie werkt, wat de kosten zijn, welke inzichten je ermee krijgt en waar de beperkingen liggen.
Handmatige tellingen
De oudste en meest directe manier om passanten te tellen is door medewerkers op straat in te zetten die voorbijgangers registreren met een handteller of tablet. Deze methode wordt nog steeds toegepast bij korte meetperiodes, bijvoorbeeld tijdens een passantenenquête in combinatie met een kordontelling.
Het voordeel van handmatig tellen is de nauwkeurigheid op het moment zelf: een teller kan direct onderscheid maken tussen voetgangers, fietsers en mensen die een winkel binnengaan. Het nadeel is dat de methode arbeidsintensief is, beperkt schaalbaar en alleen bruikbaar voor momentopnames. Structurele, doorlopende monitoring van passantenstromen is met handmatige tellingen niet haalbaar.
Infraroodsensoren en thermische tellers
Infraroodsensoren detecteren de warmtestraling van passerende personen. Er bestaan twee varianten: actieve infraroodsensoren die een lichtstraal uitzenden en registreren wanneer iemand deze onderbreekt, en passieve infraroodsensoren (PIR) die de warmte van het menselijk lichaam detecteren.
Deze sensoren worden vaak toegepast bij ingangen van winkels of winkelcentra. Ze zijn relatief goedkoop in aanschaf en eenvoudig te installeren. De beperkingen zijn echter aanzienlijk. Bij grote groepen mensen die tegelijk passeren is het moeilijk om individuele personen te onderscheiden. Daarnaast meten infraroodsensoren alleen op het exacte punt waar ze geïnstalleerd zijn, waardoor je voor een compleet beeld van een winkelgebied veel sensoren nodig hebt. Ze leveren geen informatie over herkomst, verblijftijd of kruisbezoek van passanten.
Camerasystemen met videoanalyse
Camera’s met ingebouwde videoanalyse gebruiken beeldherkenning om passanten te tellen. Moderne systemen combineren camera’s met software die op basis van algoritmen hoofd-schoudercontouren herkent en telt. Sommige systemen kunnen ook onderscheid maken tussen voetgangers, fietsers en voertuigen.
Het voordeel van camerasystemen is dat ze visueel verifieerbaar zijn: je kunt de beelden terugkijken om de telling te controleren. Camera’s worden ingezet bij zowel ingangen van winkels als in openbare ruimtes. De nadelen zijn de hoge kosten (aanschaf, installatie, stroomvoorziening, onderhoud en vervanging), de afhankelijkheid van goede lichtomstandigheden en het feit dat de dekking beperkt blijft tot de positie van de camera.
Cameratellingen in de openbare ruimte roepen bovendien privacyvragen op. Hoewel de meeste systemen voor passantentellingen geen gezichten opslaan, is de combinatie van camerabeelden met andere data een punt van aandacht onder de AVG. Het plaatsen van camera’s in een winkelstraat vereist zorgvuldige afweging van het privacybelang.
Wifi-sensoren
Wifi-sensoren detecteren de wifi-signalen van smartphones van voorbijgangers. Elke telefoon met ingeschakelde wifi zendt periodiek een signaal uit dat door een sensor kan worden opgevangen. Door het aantal unieke signalen te tellen, wordt een schatting gemaakt van het aantal passanten.
Wifi-sensoren zijn in het verleden door veel Nederlandse gemeenten ingezet als relatief goedkope methode voor passantentellingen. De technologie heeft echter een aantal belangrijke beperkingen. De verhouding tussen het aantal gedetecteerde apparaten en het werkelijke aantal passanten is geen vaste factor, omdat niet iedereen wifi aan heeft staan en sommige mensen meerdere apparaten bij zich dragen. Daarnaast zijn moderne smartphones steeds vaker ontworpen om wifi-signalen te beperken vanwege energiebesparing en privacy.
Het grootste knelpunt van wifi-sensoren ligt op het gebied van privacy en de AVG. Bij wifi-tracking wordt het MAC-adres van elk mobiel apparaat binnen het bereik van de sensor opgevangen, doorgaans zonder dat de eigenaar van het apparaat hiervan op de hoogte is of hiervoor toestemming heeft gegeven. Dat maakt wifi-sensoren fundamenteel anders dan methoden die werken met expliciete opt-in toestemming van deelnemers.
De juridische positie van wifi-sensoren is dan ook onderwerp van aanhoudende discussie. De Autoriteit Persoonsgegevens (AP) legde in 2021 de gemeente Enschede een boete van 600.000 euro op voor het gebruik van wifi-tracking in de binnenstad. De AP stelde dat het opvangen en hashen van MAC-adressen van voorbijgangers, in combinatie met locatiegegevens van de sensoren, een verwerking van persoonsgegevens opleverde zonder toereikende grondslag onder de AVG. Volgens de AP was het bovendien mogelijk om op basis van deze gegevens personen te identificeren, zeker op rustige momenten wanneer slechts een beperkt aantal mensen in het bereik van een sensor liep.
De rechtbank Overijssel vernietigde deze boete in februari 2024 (ECLI:NL:RBOVE:2024:594). De rechter oordeelde dat de AP niet voldoende had bewezen dat de gebruikte methode het daadwerkelijk mogelijk maakte om natuurlijke personen te identificeren. De rechtbank verweet de AP dat zij haar conclusies had gebaseerd op theoretische aannames in plaats van op feitelijk onderzoek. Ondanks deze uitspraak blijft de juridische status van wifi-tracking onzeker. De zaak heeft voor veel gemeenten het vertrouwen in wifi-sensoren als telmethode aangetast. Het bedrijf achter de sensoren in Enschede gaf bij de NOS aan destijds in zo’n honderd Nederlandse gemeenten actief te zijn geweest, wat laat zien hoe wijdverspreid deze technologie was voordat de privacydiscussie ontstond.
Passanten tellen met locatiegebaseerde paneldata
Een nieuwere methode voor het tellen van passanten werkt op basis van geanonimiseerde locatiegegevens van een panel van smartphonegebruikers die expliciet toestemming (opt-in) hebben gegeven voor het delen van hun locatie via apps. Deze steekproef wordt statistisch opgehoogd tot een schatting van het totale bezoekersaantal.
Het belangrijkste verschil met hardware-gebaseerde methoden is dat er geen fysieke sensoren, camera’s of meetkastjes nodig zijn. De meting vindt plaats op basis van een landelijk panel, waardoor elke locatie in Nederland meetbaar is zonder dat er apparatuur geïnstalleerd hoeft te worden. Dit maakt de methode snel inzetbaar, schaalbaar en aanzienlijk goedkoper dan systemen die per locatie hardware vereisen.
Resono is in Nederland de grootste aanbieder van passantentellingen op basis van locatiedata. Het platform wordt gebruikt door meer dan 60 gemeenten, waaronder Den Haag, Rotterdam, Amsterdam, Eindhoven, ‘s-Hertogenbosch, Breda, Arnhem, Apeldoorn en Bergen op Zoom. Ook het merendeel van de Nederlandse provincies maakt gebruik van Resono-data voor binnenstadmonitoring en bezoekersanalyse. Het mobiele panel van Resono registreert meer dan 150 miljoen verplaatsingen per jaar en levert dagelijkse data voor meer dan 1.000 winkelgebieden in Nederland. De meetgebieden worden gedefinieerd als digitale polygonen (zogenaamde hyperfences) die op een kaart worden ingetekend, waardoor elke locatie in Nederland meetbaar is zonder fysieke installatie.
Naast basale passantentellingen biedt deze methode analysemogelijkheden die met hardware-tellingen niet of beperkt haalbaar zijn. Denk aan herkomstanalyse (waar komen bezoekers vandaan), verblijftijd, kruisbezoek tussen locaties, onderscheid tussen unieke bezoekers en herhalingsbezoek, en de verdeling over vervoersmiddelen (lopend, fietsend of met de auto). De data wordt gerapporteerd met betrouwbaarheidsintervallen op 90%-niveau, zodat duidelijk is hoe nauwkeurig de schattingen zijn. Gemeenten kunnen hun centrumgebied bovendien vergelijken met meer dan 150 andere steden en dorpen via de Resono Index Module.
Een bijkomend voordeel is dat locatiegebaseerde data retroactief beschikbaar is. Omdat het panel doorlopend actief is, kan historische data worden opgevraagd zonder dat er vooraf een meetsysteem geïnstalleerd hoeft te zijn. Dit maakt nulmetingen en trendanalyses mogelijk, ook als er eerder geen telling plaatsvond.
Op het gebied van privacy is de methode ingericht volgens privacy-by-design principes. Resono werkt uitsluitend met geanonimiseerde en geaggregeerde data van gebruikers die expliciet toestemming hebben gegeven. De werkwijze is drie jaar achtereen getoetst en gecertificeerd door de privacyjuristen van ICTRecht (Privacy Verified Extended), wat voor gemeenten en andere overheden een aantoonbare grondslag biedt voor AVG-compliance.
Privacy en de AVG: een cruciale factor bij de keuze voor een telmethode
Bij het kiezen van apparatuur voor passantentellingen is AVG-compliance geen bijzaak maar een kernvereiste, zeker voor gemeenten en andere overheden. Als inkopende partij ben je medeverantwoordelijk voor de verwerkingen die je leveranciers namens jou uitvoeren. Een verkeerde keuze kan leiden tot juridische aansprakelijkheid, reputatieschade en bestuurlijke boetes. Hieronder een overzicht van de privacyaspecten per telmethode.
Handmatige tellingen en infraroodsensoren
Handmatige tellingen en infraroodsensoren verwerken in beginsel geen persoonsgegevens. Er worden geen apparaten geïdentificeerd en geen individuele personen gevolgd. Vanuit privacyperspectief zijn dit de minst gevoelige methoden, maar ze bieden ook de minste inzichten.
Camera’s in de openbare ruimte
Camerasystemen voor passantentellingen leggen beelden vast van de openbare ruimte. Hoewel veel telsystemen werken met lage resolutie of alleen contouren analyseren, is de combinatie van camerabeelden met andere databronnen potentieel identificerend. Camera’s die worden ingezet voor passantentellingen vallen onder het regime van de AVG en, afhankelijk van de plaatsing, onder aanvullende regelgeving voor cameratoezicht. Gemeenten die camera’s inzetten voor het tellen van passanten moeten een Data Protection Impact Assessment (DPIA) uitvoeren en aantonen dat de verwerking proportioneel is ten opzichte van het doel.
Wifi-sensoren: geen toestemming van de passant
Het meest fundamentele privacyprobleem van wifi-sensoren is dat ze werken zonder medeweten of toestemming van de persoon die wordt gemeten. Elke smartphone met ingeschakelde wifi zendt signalen uit die door een sensor worden opgevangen, ongeacht of de eigenaar van het apparaat hiervan op de hoogte is. Het MAC-adres dat hierbij wordt geregistreerd is een unieke identifier die, al dan niet in gepseudonimiseerde vorm, door de AP als persoonsgegeven kan worden beschouwd.
De Enschede-zaak heeft laten zien dat zelfs het hashen en afknippen van MAC-adressen niet zonder meer volstaat als anonimiseringsmaatregel. De AP stelde dat identificatie via gepseudonimiseerde MAC-adressen in combinatie met locatiegegevens en visuele waarneming ter plaatse redelijkerwijs mogelijk was. Hoewel de rechtbank de boete uiteindelijk vernietigde wegens onvoldoende bewijs, heeft de zaak geen juridische duidelijkheid opgeleverd over de vraag of wifi-tracking onder de AVG is toegestaan. Voor gemeenten die zekerheid willen over de juridische houdbaarheid van hun passantentellingen, is dat een risicofactor.
Locatiegebaseerde paneldata: privacy-by-design en onafhankelijke certificering
Locatiegebaseerde passantentellingen op basis van paneldata werken fundamenteel anders dan wifi-sensoren. Het belangrijkste verschil zit in de grondslag van de gegevensverwerking: panelleden hebben expliciet en actief toestemming gegeven (opt-in) voor het delen van hun locatiegegevens via apps op hun smartphone. Er worden geen signalen onderschept van onwetende voorbijgangers.
De data wordt vervolgens gepseudonimiseerd, statistisch opgehoogd en uitsluitend geaggregeerd geleverd. Individuele personen zijn in de eindrapportage niet herleidbaar. Dit is geen theoretische claim. Resono’s werkwijze is drie jaar achtereen extern getoetst en goedgekeurd door ICTRecht, een van de meest gerenommeerde privacyjuridische bureaus in Nederland. De certificering, Privacy Verified Extended, beoordeelt de volledige dataketen: van de wijze waarop toestemming wordt verkregen, via de verwerking en opschaling, tot de uiteindelijke rapportage aan opdrachtgevers. Meer informatie over alle validaties en keurmerken is te vinden op de pagina Certificeringen en validaties.
ICTRecht is niet alleen een certificerende instantie, maar ook de partij die de Nederlandse privacypraktijk mede vormgeeft door juridisch advies, publicaties en opleiding. Wanneer diezelfde organisatie de privacy-audit van een dataleverancier uitvoert en goedkeurt, zegt dat iets over de diepgang van de toetsing. Voor een Functionaris voor Gegevensbescherming (FG) bij een gemeente of provincie is dat relevant: als je verantwoording moet afleggen over de leveranciers waarmee jouw organisatie werkt, telt de naam achter het certificaat mee.
Eén certificering laat zien dat een organisatie op een bepaald moment voldeed aan de eisen. Drie opeenvolgende certificeringen laten zien dat privacycompliance structureel verankerd is in de werkwijze van die organisatie.
Is locatiedata privacygevoeliger dan wifi-tracking?
Op het eerste gezicht lijkt het gebruik van locatiegegevens van smartphones ingrijpender dan het opvangen van wifi-signalen. De praktijk is genuanceerder. Bij wifi-tracking worden signalen onderschept van iedereen die langskomt, zonder toestemming en zonder dat de betrokkene hiervan weet. Bij locatiegebaseerde paneldata is de toestemming expliciet, de verwerking geanonimiseerd en de uitkomst geaggregeerd.
De verwerkersovereenkomst tussen Resono en opdrachtgevers is onderdeel van de certificering door ICTRecht. Dit betekent dat gemeenten die Resono-data inkopen beschikken over een aantoonbare en gedocumenteerde verwerkingsgrondslag, iets wat bij veel wifi-sensorleveranciers ontbreekt of minder goed is onderbouwd. In de praktijk biedt locatiegebaseerde passantentelling met een gecertificeerde, opt-in werkwijze daarmee een sterkere privacypositie dan wifi-tracking, niet ondanks het gebruik van locatiedata, maar juist doordat de juridische en technische waarborgen structureel zijn ingericht.
Meer informatie over de privacycertificering van Resono is te vinden in het artikel Resono opnieuw Privacy Verified gecertificeerd.
Vergelijking: welke methode past bij welk doel?
De keuze voor een telmethode hangt af van het doel, de schaal en het gewenste detailniveau.
Handmatige tellingen zijn geschikt voor incidentele metingen en enquêtes, maar niet voor doorlopende monitoring.
Infraroodsensoren werken goed op specifieke puntlocaties zoals winkelingangen, maar bieden geen gebiedsdekkend beeld en geen extra analysemogelijkheden.
Camerasystemen leveren visueel verifieerbare data, maar zijn kostbaar in aanschaf en onderhoud en beperkt tot de positie van de camera.
Wifi-sensoren waren lange tijd populair als relatief goedkope optie, maar kampen met afnemende nauwkeurigheid door technologische ontwikkelingen in smartphones en met juridische onzekerheid rond de AVG.
Locatiegebaseerde paneldata biedt het breedste scala aan inzichten (bezoekersaantallen, herkomst, verblijftijd, kruisbezoek, modaliteit) zonder hardware-installatie, met landelijke dekking en dagelijkse actualisatie. De methode is bijzonder geschikt voor gemeenten, centrummanagers en retailers die structureel willen sturen op bezoekersdata.
Conclusie
Er bestaan meerdere methoden om passanten te tellen, elk met eigen sterktes. Voor wie op zoek is naar een schaalbare, privacyproof en informatierijke oplossing zonder installatiekosten en met directe beschikbaarheid, biedt passantentelling op basis van locatiegegevens de meeste mogelijkheden. Resono levert deze data voor meer dan 1.000 winkelgebieden in heel Nederland en wordt dagelijks ingezet door tientallen gemeenten voor datagedreven binnenstadbeleid. De oplossing wordt ook toegepast in de recreatie- en toerismesector en door retailers en mediabureaus.
Meer informatie over hoe locatiegebaseerde passantenmeting technisch werkt en hoe het zich verhoudt tot wifi-sensoren, is te vinden in het artikel Passantentelling met locatiegegevens. Voor een overzicht van de Nationale Bezoekers Index en recente bezoekersaantallen per gemeente, zie Bezoekersaantallen centrumgebieden 2025.
Veelgestelde vragen
Wat is de beste methode om passanten te tellen in een winkelgebied?
Dat hangt af van je doel. Voor doorlopende monitoring met inzicht in herkomst, verblijftijd en bezoekersaantallen op gebiedsniveau is locatiegebaseerde paneldata de meest complete methode. Voor puntmetingen bij een specifieke winkelingang kunnen infraroodsensoren of camera’s volstaan.
Mag je passanten tellen met wifi-sensoren?
Wifi-sensoren voor passantentellingen zijn juridisch omstreden. De Autoriteit Persoonsgegevens legde in 2021 een boete van 600.000 euro op aan de gemeente Enschede voor wifi-tracking. Hoewel de rechtbank Overijssel deze boete in 2024 vernietigde wegens onvoldoende bewijs, heeft de zaak geen juridische duidelijkheid opgeleverd over de toelaatbaarheid van wifi-tracking. Het kernprobleem blijft dat wifi-sensoren signalen opvangen van voorbijgangers zonder hun toestemming. Locatiegebaseerde methoden die werken met expliciete opt-in toestemming, zoals Resono, bieden een juridisch beter onderbouwde grondslag. Resono is bovendien drie jaar achtereen gecertificeerd door ICTRecht (Privacy Verified Extended).
Is passantentelling met locatiedata privacy-proof?
Dat hangt af van de aanbieder en de werkwijze. Het cruciale verschil met wifi-sensoren is dat locatiegebaseerde paneldata werkt op basis van expliciete toestemming (opt-in) van deelnemers. De data wordt geanonimiseerd en geaggregeerd verwerkt, waardoor individuele personen niet herleidbaar zijn. Resono’s werkwijze is onafhankelijk getoetst en goedgekeurd door de privacyjuristen van ICTRecht. De Privacy Verified Extended certificering beoordeelt de volledige dataketen: van toestemmingsverkrijging tot rapportage. Voor gemeenten en overheden biedt deze certificering een aantoonbare grondslag voor AVG-compliance.
Hoeveel kost passantentelling?
De kosten variëren sterk per methode. Hardware-systemen (sensoren, camera’s) vereisen investering per locatie in aanschaf, installatie en onderhoud. Locatiegebaseerde paneldata werkt zonder hardware en is daardoor schaalbaar: er zijn geen installatiekosten per meetlocatie en het aantal te meten gebieden kan eenvoudig worden uitgebreid. Neem voor een prijsindicatie contact op met Resono.
Wat is het verschil tussen een passantentelling en een bezoekerstelling?
Een passantentelling meet het aantal mensen dat door een bepaald gebied loopt. Een bezoekerstelling richt zich specifiek op mensen die een locatie (winkel, centrum, attractie) daadwerkelijk bezoeken. Locatiegebaseerde methoden kunnen beide meten, omdat ze op basis van verblijftijd en trajecten onderscheid maken tussen passanten en bezoekers.
Welke gemeenten in Nederland gebruiken passantentellingen?
Meer dan 60 Nederlandse gemeenten maken gebruik van locatiegebaseerde passantentellingen via Resono, waaronder grote steden als Amsterdam, Rotterdam, Den Haag, Eindhoven, ‘s-Hertogenbosch, Breda, Arnhem, Apeldoorn en Bergen op Zoom. Ook het merendeel van de Nederlandse provincies gebruikt deze data voor beleid en monitoring. Bekijk de pagina Resono voor gemeentes en overheid voor meer informatie.
Kan je met passantentellingen ook herkomst en verblijftijd van bezoekers meten?
Dat kan niet met hardware-gebaseerde telmethoden zoals infraroodsensoren of camera’s. Locatiegebaseerde paneldata biedt die mogelijkheid wel. Resono levert naast bezoekersaantallen ook verzorgingsgebieden op postcodeniveau, verblijftijd per bezoeker, kruisbezoek tussen locaties en zelfs inzicht in buitenlands bezoek. Dit soort aanvullende analyses maakt het verschil tussen simpelweg tellen en daadwerkelijk begrijpen wie je bezoekers zijn.
Hoe nauwkeurig is passantentelling met locatiedata?
Resono werkt met een statistisch model dat locatiegegevens van een opt-in panel opschaalt naar bezoekersschattingen. De nauwkeurigheid is onafhankelijk gevalideerd door de Rijksuniversiteit Groningen en de Stichting Buitenreclame Onderzoek (BRO). De data wordt gerapporteerd met een betrouwbaarheidsinterval op 90%-niveau. Bij langere meetperiodes en drukkere locaties wordt dit interval smaller en de schatting nauwkeuriger. Zie de pagina Certificeringen en validaties voor meer details over de validatietrajecten.
Is het mogelijk om historische passantendata op te vragen?
Ja, dat is een belangrijk voordeel van locatiegebaseerde passantentellingen. Omdat het panel doorlopend actief is, kan data retroactief beschikbaar worden gemaakt. Dit betekent dat je een nulmeting kunt doen of trends kunt analyseren voor een locatie waar nog nooit eerder een telling heeft plaatsgevonden. Bij hardware-methoden is dat onmogelijk: je kunt alleen meten vanaf het moment dat de sensor is geplaatst. Bekijk de veelgestelde vragen voor meer informatie over de mogelijkheden.



